Zwerfhond – column door Paul Waayers

In de kleine rugzakauto, zo`n Japannertje waar je niet in stapt maar wat je aantrekt, reed ik gisteravond met vrouw en dochter Josephine van 14 op de achterbank huiswaarts. De regen kwam met herfstachtige bakken uit het nachtelijke zwerk. Het was voor de ruitenwissers, die als driftig zwaaiende babyhandjes heen en weer zwiepten, bijna geen doen om nog behoorlijk zicht te verschaffen op het glinsterende zwarte wegdek. Plots, ter hoogte van de Lutherse Burgwal, een zwarte vierpotige schim op het asfalt. Een grote hond met een zwaar ogende, doorweekte vacht stak plots over. Ik remde en het autootje glibberde over het wegdek gelijk een klontje boter in een hete koekepan. 
”Jezus, pap, kijk uit. Je had `m bijna geraakt!” orakelde de achterbank. 
Terwijl ik, tijdens het weer op koers brengen van het autootje, mijn bloeddruk weer een paar bar terug probeerde te ademen, sjokte de hond doodgemoedereerd verder richting Boterwaag. 
”We moeten hem proberen te vinden en dan meenemen, je kan toch zo`n beest niet in dit weer laten lopen,?” leefde dochterlief mee.

Deze mededeling in combinatie met haar wilskracht deed de bloeddruk weer hydraulisch opjagen. Een even kolossale als kletsnatte hond met mogelijk een onaangepast karakter in de schoendoosformaatachtige ruimte achter de achterbank en bovendien waar moet je met zo`n beest heen? Mee naar huis? Daar geen mand, eten, niks. Verbale creativiteit in combinatie met ijzersterke argumentatie was geboden. Het kon niet, het mocht bij wet niet, misschien was het baasje wel op zoek naar de hond of omgekeerd. We hadden geen vergunning, geen poepzakje, geen hondenbrokken, de cavia zou psychotisch worden, hondenbelasting was mogelijk naheffend onbetaalbaar, etc. En jawel, met deze stortvloed aan zinnige en onzinnige argumenten sloeg ik toch een lek in haar wilskracht. Op de Lijnbaan begon echter bij mij het knagen van het geweten. Ach, zo`n beest moederziel alleen. Met liters ijskoud water samengesponst in zijn vuistdikke vacht waaronder een uitgemergeld hondenlijf. Hongerig. Verlaten. Verdreven Verstoten. Ongewenst. Alleen op de wereld. Hector Malot. Dat werk. En dus reden we terug. De regen kwam nu echt met natte moessonallure naar beneden. In het Westeinde trokken we ons kleine autootje uit. Gelijk de hond waren we in een mum van tijd tot op de draad doorweekt. 
Het beest niet gevonden natuurlijk. Zo`n hond trekt zijn eigen plan. Na een half uur zoeken had de regen ons geweten schoongespoeld. We hadden ons best gedaan. Sommige dingen gebeuren nu eenmaal zoals ze gebeuren. `s-Nachts toch nog geruime tijd wakker gelegen. Waar zou ie nu zijn?

Paul Waayers

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>